Houthandel Marius van den Berg uit Woerden is bijzonder ingenomen met het afval van buurman Verweij Houttechniek.
Door een unieke samenwerking aan de Barwoutswaarder, leveren de houtsnippers van Verweij de warmte die Van den Berg zo hard nodig heeft.

Bovendien leidt de samenwerking tot een flinke reductie van het vrachtverkeer op de smalle dijk tussen Nieuwerbrug en Woerden. Verweij hoeft zijn houtmot (zaagsel dat vrijkomt bij het verwerken) namelijk niet meer af te voeren en dat scheelt minimaal drie vrachtwagens per week.

Het knappe staaltje duurzaam ondernemen brengt echter vooral vreugde in de portemonnee van beide ondernemers. Directeur Martijn van den Berg: ,,Toen ik de eerste factuur van Eneco binnenkreeg, heb ik wel een dansje gemaakt.’’

,,Bij Verweij was het altijd een komen en gaan van vrachtwagens om de houtmot af te voeren en ik zat met torenhoge aardgasrekeningen voor het drogen van het eikenhout,’’ legt Van den Berg uit. Hij heeft de warmte nodig om het laatste vocht uit het hout te halen.

,,Ik maakte me grote zorgen om de energieprijzen. In grote volumes loopt het aardig in de papieren. Mijn buurman David Verweij kreeg stevige facturen voor het afvoeren van zijn spullen. En aangezien alles om ons heen polder is, konden we onze krachten beter bundelen.’’

Twee jaar geleden ontstond het idee om samen een houtmotverbrandingsoven aan te schaffen. Beide bedrijven hebben vervolgens lang met gemeente, provincie en milieudienst moeten onderhandelen. Van den Berg: ,,Dat ik van mijn buurman afval inneem, zo’n samenwerking hadden ze nog nooit gezien.’’

David Verweij: ,,Onze samenwerking heeft het voordeel dat de risico’s minimaal zijn. Motverbrandingsovens zijn niet uniek, maar er zijn veel bedrijven waar de opslagtorens in de fik vliegen. Daar hebben wij geen last van, omdat Van den Berg constant afneemt. ’’

In juni is de motverbrandingsoven in gebruik genomen, de afgelopen maanden zijn de kinderziektes eruit gehaald. Het houtmot van Verweij wordt in de fabriek opgevangen en onder de grond doorgeblazen naar een verzamelcontainer. Hier wordt de houtmot geleidelijk naar de verbrandingsoven geleid.

De oven verwarmt water tot honderd graden celsius, waarna het via leidingen naar het erf van Van den Berg wordt vervoerd. Die verhit er zijn droogkamers mee. Het afgekoelde water gaat weer terug naar Verweij. Van den Berg: ,,Een gesloten systeem en ook nog volautomatisch.’’

Het kostte beide bedrijven een flinke duit aan investeringen. Verweij: ,,Maar op het moment dat de machine in gebruik wordt genomen, begint het terugverdienen. Waarschijnlijk hebben we het geld er na 3,8 jaar uit. En als ook de drie nieuwe droogkamers van Van den Berg kunnen worden bediend, misschien al na 2,5 jaar.’’