Essays over Geluk van Daniël Gould

8

Essays zijn overal, elke dag. In de krant, op de radio, in de Tweede Kamer, in de klas. Daniël Gould schreef 16 essays over geluk. Daniël Gould komt uit Amerika, maar woont al 33 jaar in Amsterdam. Hij is freelance journalist op het gebied van kunst en architectuur. Hij heeft ook een eigen blog: www.gould3dlist.blogspot.com. Op de Utrechtse Filmdagen is een film van Frederieke Jochems over Daniël Gould in première gegaan met de titel “I LOVE ART, Daniel Gould en de Amsterdamse kunstwereld”. Ter introductie van de essays vroegen we Daniel naar het ontstaan ervan.

Hoe begon het?

“Zo’n twee jaar geleden zag ik een advertentie in een Engelstalig Amsterdams wekelijks magazine. Er stond: “Website over Geluk zoekt naar schrijvers over dit onderwerp.” Ik reageerde erop met “Ik dacht dat Charles Schultz, de schepper van de strip ‘Peanuts’ deze kwestie voor eens en altijd had opgelost toen hij schreef: ‘Geluk is een warme puppy!”.

Zij reageerden vervolgens met een verzoek om stukjes tekst die ik had liggen toe te sturen. Ik stuurde ze vervolgens exemplaren van mijn wekelijkse Nieuwsbrief met de titel 3Dlist. Hierop nodigden zij mij uit. Op de bijeenkomst vroegen ze mij het onderwerp Geluk te benaderen “vanuit een artistiek en / of cultureel gezichtspunt”. Ik zei hen dat ik verkoos het onderwerp te benaderen vanuit een filosofisch gezichtspunt. En dit ging ik vervolgens doen.

Waarom 16 essays?

Op dat moment had ik geen idee waar het concept mij toe zou voeren. Ik besloot het concept zichzelf te laten ontwikkelen. Ik wist ook nog niet hoeveel essays er zouden komen. De reden dat er zestien essays zijn, is dat de mensen van de website besloten ermee te stoppen. Maar er zijn misschien wel 25 of 30 essays denkbaar.

De essays zouden – als ze worden uitgegeven als boek – het beste passen in het zelfhulp genre. Het merendeel van wat er in dit genre verschijnt belooft: vervulling, persoonlijke ontwikkeling en tevredenheid met jezelf. Als iemand gaat begrijpen wat geluk echt betekent in metafysische zin – als filosofisch begrip – dan is alles vervolgens gemakkelijk. Zelfs Verlichting.

Het onderwerp is een echte Evergreen, zoals ze in Amerika zeggen. Als de Essays in boekvorm gaan verschijnen, zullen ze – volgens mij – nooit uit de winkel verdwijnen. Het zal ook een perfect cadeautje zijn.”

Essay Nummer 1

We publiceren in eerste instantie de eerste Essay van Daniel Gould. later zullen ook de overige 15 Essays op deze pagina te vinden zijn.

Gouden zondagen – Over geluk deel 1

Wat is geluk?

“Is dat een strikvraag?”, hoor ik u zeggen.

Nee, helemaal niet. Wat is geluk?

“De loterij winnen!”

Makkelijk antwoord. Maar u weet waarschijnlijk dat de overgrote meerderheid van winnaars van de loterij – binnen het jaar – hun geld weer kwijt zijn, òf depressief zijn, gescheiden zijn, zich vernederd voelen en wensten dat zij het loterijbiljet nooit hadden gekocht.

De heilige Theresa  van Avila vertelde al in de 12e eeuw “Er zijn meer tranen vergoten over gebeden die beantwoord werden dan over gebeden die niet beantwoord werden.” Denk daar maar eens over na. Een mooie jonge dame wordt hevig verliefd op de Toverprins, de spreekwoordelijke grote en knappe kerel. Ze hoopt en smeekt dat hij voor haar kiest. En dat doet hij. Hij blijkt te veel te drinken, hij misbruikt haar, hij is een vrouwenhater en hij eist dat hij behandelt wordt als een koning.

Gebeden die beantwoord worden, inderdaad.

We denken dat we weten wat ons gelukkig maakt, maar we weten nog niet eens wat geluk is. Als we de betekenis opzoeken in een woordenboek kunnen we lezen: een emotionele of affectieve situatie die gekenmerkt wordt door gevoelens van vreugde, genoegen en tevredenheid. Maar een Griekse filosoof, Epicures, vond dat geluk bestond uit “de afwezigheid van pijn en emotionele verwarring”. De mens deed er het best aan die genoegens na te jagen die in gematigdheid genoten kunnen worden. Dat klinkt me goed in de oren.

Geluk is niet het enige begrip met een bedriegelijke betekenis. Liefde? Dat is een goeie!. Een woord dat meer precies de euforie beschrijft die we voelen als we iets met iemand krijgen is verblindheid. We voelen een buitengewone emotie voor iemand terwijl we aan alle minpunten voorbij kijken. Hmmm ….. hiermee zijn we terug bij de Toverprins die we zojuist beschreven.

Laten we het simpeler maken. Nemen we een ander begrip: kunst!

Wat is kunst?

De laatste jaren verzamel ik de definities. Peggy Guggenheim, een bekende beschermer van de kunsten, zei: “Ik kan het niet in woorden zeggen, maar ik weet het als ik het zie!”. Mooi! Aan de andere kant zei Andy Warhol: “Kunst is business!”. Cynisch, maar in veel opzichten waar.

We zijn er soms ons hele leven mee bezig om de betekenis van bepaalde begrippen te achterhalen. Helemaal OK, zolang je een antwoord zoekt omdat het antwoord je gelukkig maakt. En “leren” kan wel eens een sleutelwoord worden in het definiëren van geluk.

Dat is mijn uitgangspunt in de zoektocht naar de betekenis van “geluk”. Laten we zien waar het ons brengt.

Daniël R. Gould

vertaling: Walter van Teeffelen
www.avantiproductions.nl

Reageer op dit Goede Nieuws

Reacties

  • Essay Nummer 2

    Gouden zondagen – over geluk deel 2

    Wat is geluk?

    Denk aan de herinneringen toen je jong was die je een warme gloed geven als je aan ze denkt. Neem iets speciaals in gedachten op een precies tijdstip. Hoe warm was het op die dag? Scheen de zon, regende het of was het bewolkt? Welke geuren herinner je je?

    Het herinneren en begrijpen van die momenten verklaart waarom we zijn wie we zijn. Daar gaat het om in de psychiatrie en de psychoanalyse. Om het herinneren. De goede dingen EN de slechte dingen. De volgende stap is de echte betekenis van die momenten te leren begrijpen.

    Onderzoek naar pedofielen heeft duidelijk gemaakt dat een overgrote meerderheid van hen tijdens hun jeugd misbruikt is. Waarom ontwikkelen de misbruikten zich tot misbruikers? Omdat ze – als kinderen – eenzaam waren, of niet geliefd of afgewezen. Het volwassen roofdier zag dit als zwakheid en een gelegenheid om overvloedige aandacht te geven totdat het kind zich in zijn handen veilig voelde. Op dat moment vond de verleiding plaats. De meest vernederende jeugdherinneringen – seksuele verleiding – vallen samen met, mogelijk, de gelukkigste momenten: de aandacht van een andere persoon.

    Neurologen hebben de hersens in kaart gebracht met behulp van MRI scanners. Ze identificeren deelgebieden en proberen de functie daarvan te begrijpen. De focus van de eerste onderzoeken was het vinden waar het geheugen zit. Raad eens? Er is geen kwab noch hersenstam aan te wijzen waar alle leerervaringen te lokaliseren zijn; het zit verspreid over 50, 60 plaatsen. In ieder van deze deelgebieden zijn specifieke dingen opgeslagen: hoe warm het was op een bepaald moment; of de zon scheen en de geur van de bloemen. De voornaamste onderdelen van onze geest bevatten ervaringen van elk van onze vijf zintuigen: zien, horen, voelen, ruiken en proeven.

    Gelukkig ogenblikken – en ook helaas ongelukkige ogenblikken – zijn geëtst in de hersenkwabben mét de intensiteit van dat ogenblik of die periode. Daarom herinneren we ons een zeer gelukkig ogenblik zo goed – zoals de eerste keer dat we het gezicht zagen van onze toekomstige geliefde. Maar evenzeer de uiteindelijke breuk met diezelfde geliefde. Je voelt nog steeds de kilte van de regen op je gezicht samen met de zoute smaak van je tranen.

    Dus, als we het begrip "geluk" willen definiëren, is het nuttig die ogenblikken weer te beleven en weer te ervaren hoe die voelden.

    Als we ontdekken dat sommige van die gelukkige ogenblikken nep zijn – omdat je seksueel bent misbruikt – zijn we in staat om ons onderzoek naar het ware geluk echt uit te voeren.

    Tjeesus …. ik lijk wel een goeroe.

    Maar, is dat ook niet de rol van een goeroe? Het definiëren waar het uiteindelijk allemaal om draait?

    Iemand zegt tegen zichzelf "Wat is geluk?" Hij neemt ontslag. Verkoopt alles. Reist over de wereld op zoek naar iemand die de vraag kan beantwoorden. Hij krijgt het advies een berg te beklimmen. Hij klimt todat hij de top bereikt heeft. Daar ziet hij een grot. En daar zit de goeroe, in lotuszit. Hij vraagt de goeroe: "Wat is geluk?"

    De goeroe antwoordt: "Geluk gaat over niets anders dan over het zitten op een bergtop!"

    De man staart hem aan met een verbaasde blik en vraagt cynisch: "Geluk gaat over niets anders dan over het zitten op een bergtop? Wat is dat voor onzin?"

    De goeroe, duidelijk onthutst, zegt: "Is Geluk niet niets anders dan het zitten op een bergtop?"

    Dus, opnieuw: wat is Geluk? Het ligt ermaar aan aan wie je het vraagt. Vraag je het jezelf, dan moet je het antwoord op de vraag proberen te begrijpen. Als je zegt "de loterij", is het nep, want je hebt nog nooit de loterij gewonnen. En, zoals ik al verteld heb in het eerste hoofdstuk, zul je ook wel eens spijt kunnen hebben als je die hoofdprijs gewonnen had. Om te weten wat Geluk is, moet je jezelf kennen. En dat is niet makkelijk!

    De les die we trekken: denk voordat je de sprong waagt!

    Daniel R. Gould

  • Essay Nummer 3

    Gouden zondagen – over geluk deel 3

    Wat is geluk?

    Omstreeks 1970.

    Ik woonde in Chicago, in de oude stad, North Wells Street. Waar het allemaal gebeurde! Mijn huwelijk was gestrand in de "Summer of Love" in 1967. Ik was een man van de stad. Dat wil zeggen, als ik in de stad was.

    Ik werkte voor een wetenschappelijke uitgever en de meeste tijd was ik het land in, wel 45 weken in het jaar. Tot zover het slechte nieuws.

    Het goede nieuws: ik had van het bedrijf een leasewagen gekregen en een aantal betaalkaarten. Ik heb nooit een rekening gezien. Ik kon mijn uitgavenaccount aanspreken – met de zegen van het bedrijf – door de lunches in rekening te brengen die ik nooit genoot. In plaats daarvan reed ik door naar de volgende afspraak. Het was win-win voor het bedrijf en voor miijzelf. Ik was efficiënt. Ik werd gewaardeerd.

    Op die manier drukten de alimentatie, de betalingen voor ondesrsteuning van de kinderen en de kosten van de privéschool niet teveel op mijn leefstijl.

    Maar het leven op de snelweg heeft niet alleen leuke kanten. "Holiday Inn Blues", het lied van Neil Diamond komt bij me op. Ik zou niet meer weten in hoeveel restaurants ik heb gegeten en in hoeveel Holiday Inns ik heb geslapen. Terwijl de internationale Holiday Inns Hotels zich bevinden in de vier sterren klasse, zijn het in de States over het algemeen varianten van "broodje baksteen motels", die verspreid over Amerika liggen als de takken van een grote eik. Als ik in New York, San Francisco of New Orleans was, vermeed ik ze. Maar in Kearny – Nebraska, Rapid City – South Dakota of Jackson – Mississippi was het de beste plek waar je kon zijn.

    Waar het allemaal op neerkwam is het feit dat het leven op de snelweg langdradig en saai wordt. Het menu in het restaurant van Holiday Inn in Stillwater – Oklahoma verschilde niet van dat in Akron – Ohio. Vaak verlangde ik alleen maar naar een grote salade.

    In deze periode was ik af en toe een week thuis, in Chicago. Op een morgen ging ik de trap af van mijn vier-kamer huis. Het was eind oktober. "Indian summer". Warme en zonnige dagen, maar 's nachts vroor het licht.

    Ik maakte de deur open. Het gebouw lag op het oosten. De zon scheen als een schijnwerper in mijn gezicht. Ik voelde direct de overweldigende warmte. Ik hoorde de melodieuze ritseling van de blaadjes aan de bomen langs het trottoir. En ik rook de geur van de herfst.

    Een gevoel van euforie overviel me. Het overspoelde me zozeer, dat zelfs nu, 35 jaar later, ik me nog steeds het moment levendig kan herinneren.

    De rest van de nodig moet ongemerkt voorbij zijn gegaan, want niets verstoorde die eenvoudige ochtendervaring.

    Vreemd, niet? Er gebeurde niets. De gebeurtenis had ook geen enkel vervolg; enkele een tijdsfragment. Maar op dat moment voelde ik me subliem gelukkig en ik kan het moment nog steeds naar voren halen.

    De les? Aan veel geluk wordt voorbijgezien omdat het niets kost.

    Daniel R. Gould

  • Essay Nummer 4

    Gouden zondagen – over geluk deel 4

    Ik haat maandagen!

    Daarvoor heb ik mijn persoonlijke redenen, maar, om eerlijk te zijn, de uitspraak wordt breed gedeeld. Er zijn veel redenen voor: het begin van de werkweek; de traditionele wasdag, Blauwe Maandag – de derde maandag in januari – de meest depressieve maandag van het jaar.

    In de States had je een strip "Grote Sjors". Bijna iedere maandag was de grap van Sjors "Ik haat maandag!"

    Kent u dat lied, hoe heet het? Volgens mij werd het gezongen door U2. De belangrijkste tekst is: "Ik houd niet van maandagen." Het gaat over een tienermeisje die wakker wordt in een grauw Chicago, een geweer meeneemt naar school en een paar medestudenten doodschiet. Het is echt gebeurd. Toen de politie haar vroeg waarom ze het gedaan had, zei ze: "Ik houd niet van maandagen."

    Wat heeft dit te maken met geluk? Alles!

    Tot op een paar jaar geleden liep ik hard. Maandag was de moeilijkste dag; tien kilometer, drie rondjes Vondelpark. Door een peesontsteking moest ik ermee ophouden. Maadag is ook de dag dat ik vast. Geen voedsel, geen beloning voor de mond. Een lange, lange dag.

    Naar die zelfopgelegde disciplines keek ik niet uit. Ik wilde het liefst maandag van de kalender verwijderen. Waarom legde ik me taken op die mijn dag niet fantastisch maakten?

    Het is terug te voeren naar een verhaal uit mijn leven. Toen ik heel jong was werd ik draaierig als ik een paar honderd meter gerend had. En dat was voordat ik begon te roken. Ik ben opgegroeid in een rookwolk. Mijn ouders waren allebei kettingroker en ik nam dit gedrag over. Ik heb zestien jaar gerookt, tweeëneenhalf pakje per dag. Toen hield ik er abrupt mee op. Zes maanden later bleeek ik zwaarder te worden. Daarom ging ik hardlopen.

    Het vasten begon een jaar of vijf later, want zelfs met het hardlopen werd ik zwaarder en ieder jaar gebruikte ik zes weken lang een afslankdieet om van de extra kilo's af te komen. Dat moest beter kunnen. Ik beredeneerde dat als ik één dag in de week niet at, ik de extra calorieën kwijt zou raken. Het lijkt te werken. En waarom koos ik maandag? Omdat er op maandag niets gebeurt. Mensen geven geen feestjes. Er zijn geen recepties. Maandag heet niet voor niets Blauwe Maandag!

    Maar waar blijft het geluk? Ik loop niet meer hard, en ik mis het. Ik mis het om verschillende redenen. Het bracht me in een euforische stemming op een natuurlijke manier. Op mijn 50e kon ik iets doen wat ik op mijn 16e niet kon. En, toegegeven, ik voelde me verheven boven de meerderheid van de bevolking.

    Wat het vasten betreft: het werkt. Geen afslankkuurtjes meer. Maar het is ook een test van mijn wilskracht. Ik moet nee zeggen tegen bepaalde verlangens. Ik mag van mijzelf thee drinken, koffie en water, maar GEEN alcohol. Ik vervloek maandagen totdat ik het licht uitdoe en in mijn bed stap. Als ik daar dan lig denk ik: als ik morgen wakker wordt mag ik weer eten. Ik voel me dan trots dat ik – opnieuw – een gehate maandag bedwongen heb.

    De les: geluk is toevallig.

    Daniel R. Gould

  • Essay Nummer 5

    Gouden zondagen – over geluk deel 5

    Een paar jaar geleden sprak ik met een filmacademie-student. Ze vroeg me "Wat vindt je de mooiste film?" Ik hoefde er zelfs niet over na te denken, "Citizen Kane!". Ze keek me teleurgesteld aan en zei "Iedereen noemt die film".

    Ik heb er ook een reden voor. De eerste keer dat ik de film zag herinner ik me nog goed. Ik was ongeveer 25 jaar oud en ik zag de film 's avonds laat op de tv. Toen de film ten einde was, dacht ik "Wow, wat een film." Ik vroeg me ook af waarom ik die film niet eerder had gezien.

    Mijn filmopvoeding begon al vroeg, toen ik ongeveer drie was. Ik ging met mijn vader mee naar de bioscoop omdat hij niet graag alleen ging en omdat mijn moeder niet van westerns en gangsterfilms hield. In de lange hete zomerdagen in Detroit was het in het begin van de middag te heet om buiten te spelen. Dus ging ik naar "Bill Kennedy Show Time". Mijn vader was een filmenthousiast en koos altijd klassieke films uit. Daarmee kreeg ik een uitstekende filmopvoeding.

    Maar hoe kwam het dat ik Citizen Kane gemist had? Die stond toch op ieders top-tien lijstje? Het kwam door de geschiedenis van deze film.

    Orson Welles was een onstuimige jongeman, 26 jaar oud, toen hij de film produceerde, het scenario ervan schreef én de hoofdrol speelde. Het was een nauwelijks verhulde biografie van de Amerikaan William Randolph Hearst, een krantenmagnaat die op gegeven moment over 28 kranten beschikte van kust tot kust.

    Het duurde niet lang voordat uitlekte dat de film gemaakt werd en tegen de tijd dat de première eraan zat te komen ondernam Hearst actie. Al zijn kranten weigerden om de film te recenseren of er advertenties van te plaatsen. De film stierf voordat het geboren werd. Het was een verlies voor RKO, de filmmaatschappij. De film kreeg de kans niet gezien te worden.

    De film zou pas jaren later opduiken. Eerst op de nachttelevisie, heel erg laat en vervolgens op filmfestivals en retrospectieven. Op gegeven moment ging de film een nieuw leven leiden en, op dit moment, wordt de film bewonderd en bestudeerd.

    Waarom is het zo'n bijzondere prestatie?

    Op de eerste plaats het verhaal. Tel daarbij op het uitzonderlijke acteren (Welles en Joseph Cotton, die allemaal in de twintig waren, ontwikkelen zich overtuigend tot volwassen mannen), de verfilming en het scenario.

    Vooral het begin maakt de film zo boeiend. Het begint als een soort mysterie. We bevinden ons in een donkere en sombere nacht en zien een soort kasteel in de achtergrond. In de volgende scene zien we een man bewegingsloos liggen met in zijn hand een glazen sneeuwbol. Op gegeven moment zegt hij "Rosebud" en sterft.

    De volgende scene speelt zich af in een privé filmzaal van een filmtijdschrift. De hoofdredacteur spreekt zijn verslaggevers toe en zegt dat dit een belangrijk verhaal is, omdat Kane een groot man was. Rijk, succesvol in zijn carrière en op gegeven moment een man met politiek ambities die streeft naar het Witte Huis. "Maar wie was hij echt? Rosebud! was het woord dat hij bij zijn sterven uitbracht … dat is de sleutel. Als jullie uitvinden wie of wat Rosebud was, weten wie de man is."

    We zien vervolgens een van de verslaggevers mensen interviewen die op zeker moment een rol in zijn leven speelden. De verslaggever interviewt de man die Kane bewaakte toen hij ongeveer tien was. Er is een opmerkelijke scene van de eerste ontmoeting van Kane en de bewaker. Het huis ziet eruit als een soort kajuit. De jonge Kane heeft sleetje gereden in de sneeuw, en wordt naar binnen geroepen door zijn vader die duidelijk ook een soort kameraad is. Zijn strenge, maar liefhebbende moeder staat naast haar man en legt de jongen uit dat de bewaker hem mee zal nemen naar de grote stad voor onderwijs in de beste scholen. Zijn ouders hebben een goudmijn geërfd en hij zal ooit heel rijk worden. Hij moet leren om met zo'n soort leven om te gaan.

    Vervolgens zien we hem opgroeien en langzaam een business tycoon worden. We worden geintroduceerd bij de mooie vrouw die zijn echtgenoot zal worden en die zijn kinderen zal opvoeden; bij zijn vriendinnen – aan iedere arm een – en tenslotte bij zijn maitresse, de liefde van zijn leven. Aan al deze mensen wordt gevraagd: "Betekent het woord Rosebud iets voor u?" Niemand heeft het antwoord. Er wordt een filmsamenvatting gemaakt voor de bioscopen in het land, maar daarin komt Kane's laatste woord niet in voor.

    In de slotscene zien we een kelder met een grote vuurhaard. Een man gooit er allerlei afval in die hij verzameld heeft over het hele terrein van het enorme huis. Hij pakt een sleetje en gooit het in de vuurmassa. De camera volgt het. Het sleetje begint al vlam te vatten en dan zien we in op de zijkant de woorden "Rosebud".

    Kane's laatste gedachte, voordat hij stierf, was aan het moment dat hij het bescheiden onderkomen van zijn ouders verliet om een nieuw en opwindend leven te leiden. Alles wat hij kreeg: de rijkdom, de glamour en zijn macht, bracht hem niet het geluk dat hij had gevoeld in zijn nederige omgeving en zijn liefhebbende ouders.

    De les is dat geluk zo vluchtig is dat we niet weten wanneer we het hebben.

    Daniel R. Gould

  • Gouden zondagen – geluk deel 6

    Wat is geluk?

    Een tijdje geleden bezocht ik een bekende. Hij rookte een sigaret en begon plotseling te hoesten. Toen hij eindelijk weer normaal ademhaalde, vroeg ik hem wanneer hij van plan was te stoppen met roken. "Als mijn zorgen voorbij zijn!" antwoordde hij. Daar had hij gelijk in. De dag dat onze zorgen – en die ons een hoop tijd kosten – voorbij zijn, is de dag dat we sterven.

    Problemen en zorgen vormen een bijzonder groot onderdeel van ons leven. En wat zou het leven zijn zonder ze?

    Toen ik 14 was, kochten mijn ouders een nieuw huis. Naast ons woonde een ouder echtpaar van in de zestig. Ze hadden acht kinderen en een was er nog thuis. Joey, het kind, was eigenlijk geen kind, want hij was 27 jaar. Hij was echter geboren met het syndroom van Down. Gelukkig had hij het niet in ernstige mate; hij sprak zowel Engels – zij het met beperkt vocabulair – als Italiaans, de moedertaal van zijn ouders. Maar hij was nooit naar school geweest en hij kon niet lezen. In de zomer zat hij in de achtertuin met een krant voor zijn neus. Nooit bladerde hij naar de volgende pagina; een uur lang staarde hij naar dezelfde pagina. Hij wilde dat mensen dachten dat hij kon lezen. Hij wilde dat mensen dachten dat hij normaal was.

    Hij rookte sigaretten, maar hij vroeg altijd iemand een vuurtje omdat hij geen lucifers mocht gebruiken. Het gevaar van vuur begreep hij niet goed. Zijn gedrag kopieerde hij van het gedrag van mensen om hem heen. Er was een jongen van mijn leeftijd, Tommy, die tegenover ons woonde. Tommy was gek van Johnny Mathis – destijds een populaire zanger. Op warme zomerdagen, als alle ramen openstonden, werd de buurt getracteerd op "Chances Are", "The Twelfth of Never" en "Misty". Ik herinner me nog een aantal zinnen van het lied omdat ik ze zo vaak hoorde. Op dat moment begon de rol van Joey. Hij wilde ook een typische teenager zijn. Maar hij was geen fan van Mathis. Hij hield eigenlijk maar van één lied: "Volare, Di Pinto Di Blu". Mijn enige Italiaans lijkt te bestaan uit de woorden van dat lied, maar ik heb geen idee wat ze betekenen. Joey's slaapkamer was een meter of twee van de mijne verwijderd. Op die zomerochtenden had ik geen wekker nodig om wakker te worden: hij zong uit volle borst.

    's Avonds, op die hete, zwoele dagen in Detroit, kwam Joey in onze achtertuin om te praten met mijn vader en mij terwijl we in tuinstoelen zaten om te profiteren van het verkoelende briesje. Hij had altijd veel te vertellen. Het ging altijd over probelemen van de familieleden, in het bijzonder zijn broer en zussen. Zoals hij het vertelde kwam het erop neer dat de problemen alleen maar door HEM opgelost konden worden. Joey had zelf geen zorgen. Daar was hij niet gelukkig mee.

    Zijn vader was diabeet en zijn beide benen waren geamputeerd. Waarschijnlijk als gevolg hiervan was hij een zuurpruim geworden en vaak hoorden we hem iets schreeuwen in het Italiaans. Joey en zijn moeder moesten het maar op zien te lossen. De verantwoordelijkheden van Joey werden groter en groter. En paar keer per week kwam er ook een huishoudelijke hulp om mee te helpen schoonmaken. Zo ging het leven zijn gang.

    Ik verliet mijn ouderlijk huis en reisde 1000 kilometer verder naar St. Louis, waar iik me had ingeschreven in de universiteit. Steeds minder kwam ik in Detroit.

    Op een van mijn bezoeken, drie of vier jaar later, vernam ik dat de moeder van Joey een beroerte had gehad. Ze kon niet meer koken en de eenvoudigste klusjes niet meer doen. De kinderen huurden verpleegsters voor de hele dag in, maar geen enkele bleef langer dan twee maanden omdat Joey's vader erg veeleisend was. Uiteindelijk gaven ze het op om hulp in te huren. De dochters gingen elkaar afwisselen met het maken van de maaltijden en Joey, hoe onwaarschijnlijk het ook klinkt, werd "de verpleegster". Hij was niet alleen gewend aan de uitroepen van zijn vader, maar – dat was nog belangrijker – hij wist hoe hij ermee om moest gaan.

    Als ik weer eens thuis was, zag ik Joey vaak zijn moeder in een rolstoel door de buurt voortduwen; het hele jaar door. Joey had nu echte zorgen en dat deed hem erg goed. Hij was gelukkig omdat iemand hem nodig had.

    Joey zou zijn ouders overleven. Toen de laatste stierf, ging hij bij een zus wonen. Hij stierf toen hij 37 was, waarschijnlijk als een gelukkig persoon.

    De les: een leven zonder moeilijkheden en zorgen is een waardeloos leven; en een waardeloos leven levert geen geluk op. Vergeet het tellen van je zegeningen en spreek je dank uit voor al die beroerde problemen.

    Daniel Gould

  • Gouden zondagen – over geluk deel 7

    Uit het verhaal "Dirty Tricks" door Michael Dibdin.

    "Het was een schitterende zonnige dag met een herfsttoefje, perfect wandelweer. Ik wandelde over een smal pad met het lekkere gevoel dat een mooie ochtend met zich meebrengt, te vergelijken met de vanzelfsprekende verwachting van jonge mensen dat wat er gaat gebeuren meer en beter is. Maar mijn ervaring waarschuwde me dat deze verwachting niet oneindig zou duren, maar na een top zou gaan dalen … Ik zou eerder en hoger pieken en me vervolgens de rest van de dag ellendig voelen. Als ik gelukkig wilde zijn, zou ik de kroeg gepasseerd hebben of in ieder geval niet meer dan mineraalwater gedronken hebben. Dat wist ik. Dus bestelde ik een groot glas bier, en vervolgens nog een. Waar het op neer komt is dat ik niet kan omgaan met geluk. Ik weet niet wat ik er mee moet."

    Heb je je ooit afgevraagd waarom de ooit prachtige en getalenteerde Elizabeth Taylor acht keer trouwde? Ik meen dat het acht keer was. Waarom Britney Spears een drank- en medicijnenprobleem heeft? En bezie Elvis op latere leeftijd, een onttakeld schip; om maar niet in te gaan op ieders favoriete pin-up, Marilyn.

    Wat ze allemaal hebben of hadden is roem, geld, talent, schoonheid, bewondering en liefde. Ten minste, een van de echtgenoten van Liz zal toch echt van haar gehouden hebben. Misschien was het Richard Burton. Hij is twee keer met haar getrouwd: of was het drie keer? En omdat hijzelf al beroemd was en geld was dat niet de reden dat hij voor haar koos.

    Ieder van hen heeft geprobeerd de "problemen" op te lossen met alcohol of heeft geprobeerd de werkelijkheid te veranderen door een illusie van geluk te creëren met geestverruimende middelen. Je snapt het. Geluk heeft weinig te maken met al die dingen waarvan je denkt dat ze je gelukkig zullen MAKEN. Dat komt omdat geluk niet op een zilveren schaal wordt uitgereikt … vooral niet op een zilveren schaal.

    Dit denkbeeldige gevoel, of gaat het om kwaliteit?, of gaat om een toestand?, wat het ook is, zit waarschijnlijk diep in onszelf, wachtend om eruit te komen. Wachtend op het Abracadabra, de magische woorden, zodat het kan stromen als een waterval, zodat je echte zelf doorweekt raakt door een schittering van zelffelicitatie. Zelffelicitatie? Misschien gaat geluk daar wel om.

    Misschien is de reden dat zo veel mensen problemen hebben bij het zoeken naar geluk, is dat we niet weten wat het is. En op die zeldzame momenten dat we het voelen weten we niet wat we ermee moeten doen. Laten we, vanwege de argumentatie, even van uitgaan dat geluk zelffelicitatie is.

    Hmmm, een nieuwe terminologie … wat is zelffelicitatie? je kunt er geen jacht voor kopen. En als je niet rijk bent, zul je niet in staat zijn de "liefde" van je "perfecte" partner te kopen om het geluk te realiseren.

    Maar met zelffelicitatie voel je natuurlijk niet de behoefte om het loterijbiljet te kopen of de behoefte aan dingen waarvan je WEET dat ze je gelukkig zullen maken omdat je al tevreden bent met wat je hebt. Wat wil je nog meer?

    Ironischerwijze is de les – als je tussen de regels doorgelezen hebt – is het niet zo dat geluk niet bestaat. Zodat je gelukkig kunt zijn terwijl geluk niet bestaat. "Huh?" hoor ik. Nou ja, ik heb 't ooit gelezen; maar dat is alleen maar goed, want als je het had zou je niet weten wat je ermee moest doen!

    Daniel R. Gould

  • Gouden zondagen – over geluk deel 8

    Wat is geluk?

    Het is midden december. De dagen worden korter en over ongeveer twee weken komt de dag met de minste zonneschijn …. als er tenminste geen wolken zijn. Na die dag worden de dagen weer langer. De belofte van de lente. Dit is een goed moment om een paar ervaringen te vertellen die je kunnen aanmoedigen om ook de positieve kant van dit druilerige jaargetijde te zien.

    Als ik een Nederlander voor het eerst zie, is altijd een van de eerste vragen: waarom vind je Nederland zo leuk?

    "HET WEER!"

    Ik wilde dat het mogelijk was om de verschillende gezichtsuitdrukkingen te zien als zij DAT horen. "Hij is gek" is een reactie; "Ik spreek met een domoor!" een andere.

    Maar het is waar! Nee, niet dat ik gek ben – nou ja, misschien een beetje. Het is waar dat ik van het weer HOUD en dat ik WEET waar ik het over heb.

    Nederland heeft als ieder land vier jaargetijden; in het algemeen heb je niet te maken met extremiteiten. Ik heb zes jaar in Chicago gewoond. Ik houd van Chicago! Er zijn maar vier dingen die ik er haat: januari, februari, juli en augustus. Veel te koud of veel te warm. Van min 35 graden celsius in de winter tot plus 35 graden celsius in de zomer.

    Ik kan je nog meer vertellen over de winters in Chicago. In januari 1967 viel er in een periode van 24 uur 75 centimeter sneeuw. Ik was toen getrouwd en mijn vrouw kon ieder moment bevallen. Onze dochter werd ongeveer tien dagen na de bevroren kristallen overstroming geboren. De dokter kwam nog skieënd naar het Evanston Ziekenhuis. Maar de eerste week, na de sneeuwstorm zag de stad er prachtig en idyllisch uit; alle lelijkheid was bedekt met een deken van schitterende witte poeder.

    Een paar jaar later, toen ik pas gescheiden was, kwam ik – tijdens een rondje langs de versiercafé's – een vrouw tegen die ik uitnodigde met me mee te komen om te genieten van een buitengewoon mooi uitzicht dat ik een paar dagen eerder had ontdekt. Ik liet haar Chicago's North Avenue Beach zien, gemaakt van beton. De regelmatige en onverbiddelijke watergolven van het enorme Lake Michigan beukten tegen de ondergrond en deden het water hoog opspatten in de koude lucht. We zagen een enorm ijssculptuur van wel een paar meter dat constant andere vormen aannam. Adembenemend.

    Ik nam vervolgens de dame mee naar mijn apartement waar de haard brandde. Het was het begin van een korte en plezierige relatie. Ik weet nog hoe ze heette.

    Een winterdag in Chicago kan mooi zijn, maar je moet wel veel moeite doen om het te ontdekken. Datzelfde geldt voor Amsterdam.

    "Maar het regent hier ALTIJD!"

    Hé, het laat mijn haar groeien! Ik maak geen grapjes. De zijkanten van mijn hoofd zijn oké, voor zover het om haarbedekking gaat, maar bovenop is er niet veel meer en dat is al een jaar of 15 zo. Maar iets heeft dit proces vertraagd. Dat zal wel liggen aan de constante drukte. Een van die sublieme momenten van geluk vond enige jaren geleden plaats op een warme, natte en mistige juni-avond.

    Een onophoudelijke dunne regen had een mist geproduceerd. Als er niet een opening van een tentoonstelling in het Stedelijk Museum zou zijn geweest, zou ik waarschijnlijk helemaal niet naar buiten zijn gegaan.. Toentertijd woonde ik minder dan vijf minuten lopen van het Vondelpark en ik moest het oversteken om op mijn bestemming te komen …

    Toen ik het park inkwam, werd ik begroet door een kakafonie van geluiden doordat miljoenen kleine regendruppeltjes hun hemelse val beëindigden. Het geluid werd versterkt door de blaadjes van honderden verschillende bomen, struiken en bloemen en daar kwam nog de resonantie van de vijvers en de paden bovenop.

    Ik ging naar links en na honderd meter hoorde ik een piano-accoord en daarna nog een en ik herkende onmiddelllijk George Gershwin's "Summertime". Toen ik dichterbij kwam hoorde ik de vibratie van een sopraanstem van mijn favoriete lied. Het moet wel mijn favoriete lied zijn, want is het enige waarvan ik alle woorden ken.

    Ze zong vanonder de beschutting van het 19e eeuwse paviljoen waar rondomheen een gracht ligt. Haar assepoester-jurk leek onder de schijnwerpers gemaakt van kostbare edelstenen. Er was een flinke opkomst, alle stoelen waren bezet, er moesten mensen staan en de paraplu's deden denken aan een verzameling opgeschoten paddestoelen.

    Grappig genog, herinner ik me niets meer van de tentoonstelling in het Stedelijk Museum, maar die kostbare vrolijke momenten staan me nog helder voor de geest, het gevoel van puur plezier en het tinkelende gevoel van geluk dat ik ervaren had terwijl ik in de regen stond.

    Ja, ik houd van het weer in Nederland … en van het lopen in de regen … én het laat mijn haar groeien.

    De les? Simpel: stel jezelf open voor de schoonheid en het gevoel van vreugde en hoor de ritmes van de natuur in al zijn vormen … "en het leven is fantastisch!"

    Daniel R. Gould