Behalve bacteriën die de ziekte van Lyme veroorzaken, injecteren teken ook waardevolle stoffen in de huid van hun slachtoffers. Internist Joppe Hovius onderzoekt de teek als mogelijke producent van medicijnen.

In het laboratorium voor experimentele inwendige geneeskunde van het Academisch Medisch Centrun in Amsterdam plakt internist Joppe Hovius een teek met dubbelzijdig plakband op een microscoopglaasje. Dan schuift hij een dun glazen buisje over de monddelen van het beest. Een paar druppeltjes van ­- zoals Hovius het eufemistisch uitdrukt ­- een kietelende stof op het schild van de teek en daar komt het: de teek braakt een microliter doorzichtig tekenspeeksel in het buisje. ‘Het melken van teken is een bewerkelijke methode’, zegt Hovius, ‘per uur kun je hooguit enkele microliters speeksel per teek verzamelen. Gelukkig kunnen we een aantal interessante stoffen uit het speeksel nu al maken met celkweken.’

De stoffen waar Hovius interesse in heeft, hebben nu eens niets te maken met de gevreesde ziekte van Lyme die de teek via de bacterie Borrelia burgdorferi regelmatig overdraagt op bezoekers van bos en duin. Het gaat Hovius dit keer om de nuttige stoffen in het speeksel. Een teek moet voorkomen dat het bloed van het slachtoffer niet stolt voor zij -­ het zijn vooral de vrouwtjes die een bloedmaal nemen ­- het kan opdrinken. Daarom produceren teken verschillende antistollingseiwitten. Een teek brengt soms wel een week op de huid van haar slachtoffer door om zich vol te zuigen. Dat kan alleen als het slachtoffer geen sterke afweerreactie vertoont. Daarom zitten er ook reuze sterke ontstekingsremmers in tekenspeeksel om die de afweerreactie te onderdrukken.

In een recente publicatie in het wetenschappelijke tijdschrift PLoS pathogens beschrijft Hovius dat het afweeronderdrukkende middel ‘Salp15′ uit het tekenspeeksel erg efficiënt werkt. Het remt de cellen die ter plaatse in de huid een afweerreactie op gang moeten brengen. Daarnaast bevat het speeksel nog andere afweeronderdrukkende stofjes die op een andere manier op het immuunsysteem ingrijpen. ‘Als we al die stoffen zouden karakteriseren, zou je uiteindelijk een heel arsenaal aan mogelijke medicijnen kunnen krijgen’, zegt Hovius. ‘Er zijn heel veel auto-immuunziekten die je kunt behandelen met afweeronderdrukkende middelen.’

Er zijn al vorderingen gemaakt met een antistollingseiwit uit tekenspeeksel. ‘In dierproeven blijkt het heel krachtig. Het werkt langer dan de huidige medicijnen die hart- en vaatpatiënten gebruiken en geeft ook minder bijwerkingen. Met een eventueel toekomstig medicijn op basis van tekeneiwit zouden patiënten dus minder vaak hoeven te slikken.’

Het onderzoek van Hovius heeft toch ook raakvlakken met de ziekte van Lyme. Stiekem hoopt Hovius stoffen te vinden waaruit een vaccin tegen de teek gemaakt kan worden. ‘We zoeken naar stoffen die de essentiële eiwitten van de teek blokkeren. Dan heb je misschien ook een middel om de ziekte van Lyme en andere door teken overdraagbare ziekten te bestrijden’, zo veronderstelt hij.

Hovius is overigens niet de eerste is die de zegeningen van de teek heeft ontdekt. De bacterie Borrelia burgdorferi was hem al lang voor. Het blijkt dat de bacterie zich in het lijf van de teek helemaal inpakt met het eiwit Salp15. In die afweeronderdrukkende jas heeft de bacterie een veel grotere kans om in het lijf van het slachtoffer van de teek te overleven. En omdat een teek mèt Borrelia ook meer afweeronderdrukkende stofjes maakt dan een teek zonder Borrelia, vergroot de bacterie indirect ook de kansen op succes voor de teek. ‘Ze spannen echt tegen ons samen!’, concludeert Hovius.

bron: intermediair.nl

Desondanks blijft het oppassen met teken. Meer weten over teken? klik dan hier of hier.